Hendrik van Otterlo is een beroemd schilder. Nadat zijn enige echt liefde Cissy hem verlaat, maakt hij een zelfportret en stopt met zijn werkzaamheden. Alles achter slot en grendel. Inclusief zichzelf, want Hendrik kiest voor een kluizenaarsbestaan. De enige contacten die hij onderhoudt, zijn die met enerzijds Jongerius, ook een beroemd schilder, tijdgenoot en vriend, en anderzijds Bettina, zijn halfzus. Het kantelmoment komt er echter wanneer Hendrik verneemt dat Cissy is overleden.
Het was niet de dood die daarstraks bij me aanklopte, zoals Jongerius geloofde, maar het leven dat nog iets van me verwacht. (p. 76)
lles samen is dit een zeer genietbare roman die eerst en vooral qua stijl met brio is geschreven. Het karakter van de schilder komt er mooi in terug. Misschien zitten er tevens wat autobiografische elementen in verwerkt. Het is alvast de aanzet om meer van Campert te gaan lezen. Meer dan degelijk dus.